De jaarlijkse taks op effectenrekeningen, en waarom ze in 2026 verdubbelde
Dit is de vijfde Belgische beleggingsbelasting, en de enige die niets met je transacties te maken heeft: ze gaat over wat er gemiddeld op je effectenrekening staat. Voor verreweg de meeste beleggers verandert dat niets, want ze begint pas boven één miljoen euro. Wat er wél veranderde is het tarief: sinds 1 juni 2026 is het 0,30% in plaats van 0,15%.
Wanneer ze speelt
Drempel: gemiddelde waarde boven €1.000.000, gemeten over een referentieperiode van 1 oktober tot en met 30 september, met meetmomenten op 31 december, 31 maart, 30 juni en 30 september. De grondslag is dus een gemiddelde en geen stand op één dag.
De afvlakking net boven de drempel
Voor rekeningen tot 1.030.927,84 euro is de taks beperkt tot 10% van het verschil tussen de belastbare grondslag en één miljoen. Een rekening van 1.001.000 euro kost daardoor honderd euro in plaats van ruim drieduizend.
Wie moet aangeven
Bij een Belgische tussenpersoon wordt de taks berekend en ingehouden. Bij een buitenlandse is dat niet vanzelfsprekend: houdt hij niets in, dan ben je zelf aangifteplichtig — hetzelfde patroon als bij de beurstaks.